Prev-IndexNL-Next 

Nederlog

November 16, 2015
Autobio 1988 - M.E., "Vragen", Overlast, Verwijdering, Vergassing, De Schoorsteen, Gezondheid

Sections
Introduction
This is another Dutch autobiographical file. The previous one is here, in August of this year, and there are also better versions than in Nederlog (for most have been rewritten some) here.

It took longer (three months) to compile the present file mostly because this was the year that the rest of my life was decided: I was ill, but hardly anyone would admit it; I was brilliant, hardly anyone cared; I had taken the guts to attack my grossly incompetent "philosophy teachers", while ill, but was removed from the faculty of philosophy, while ill, rather than thanked, and no one cared; I was gassed by my landlord, I think now to get rid of me: no one cared; I wrote many letters to protest this, but none of the letters was even answered or acknowledged: I was effectively a sub-human with whom the mayor, the aldermen and the civil servants could do as they pleased (as they did anyway, in particular with helping the selling of yearly billions in untaxed illegal drugs).


It took longer (three months) to compile the present file mostly because this was the year that the rest of my life was decided: I was ill, but hardly anyone would admit it; I was brilliant, hardly anyone cared; I had taken the guts to attack my grossly incompetent "philosophy teachers", while ill, but was removed from the faculty of philosophy, while ill, rather than thanked, and no one cared; I was gassed by my landlord, I think now to get rid of me: no one cared; I wrote many letters to protest this, but none of the letters was even answered or acknowledged: I was effectively a sub-human with whom the mayor, the aldermen and the civil servants could do as they pleased (as they did anyway, in particular with helping the selling of yearly billions in untaxed illegal drugs).


Anyway - here is the Dutch story of my life in 1988. It will probably interest few, but it is a part of my life, and I am interested.



1.
Autobiografie 1988
1.   Inleiding
2.   Een DOS-computer
3.   Ik leer over het bestaan van M.E.
4.   Verrichtingen en plannen
5.   Eigen stukken en "Vragen"
6.   Overlast, herrie en problemen
7.   Het gedrog van Hans Swart
8.  
De coffeeshop start bedreigingen
9.   Ik word gevraagd als spreker + toespraak
10. Ik word van de universiteit verwijderd bij filosofie
11. Jolanda en ik worden - letterlijk - vergast
12. De schoorsteen
13. Gezondheidsproblemen: Begin instorting



1. Autobiografie 1988

1. Inleiding

Er is een journaal voor 1988 en ik zal er het een en ander uit citeren, maar ik moest het jaar ook weer gedeeltelijk uit mijn hoofd rekonstrueren, omdat er niet echt veel journaal is; het journaal nogal optimistisch is, zeker in het begin van het jaar, toen het inderdaad ook nog redelijk ging; en doordat ik geen journaal bijhield in de twee periodes waarin ik verwijderd werd van de faculteit voor wijsbegeerte in de lente en zomer, en mijn vergassing in de vroege herfst. [1]

Eén
belangrijke reden voor mijn tamelijk slechte journaal-houden was dat ik het de twee voorgaande jaren nauwelijks gedaan had; een andere was dat ik me vanaf 1984, dankzij de vitamines, een heel stuk beter had gevoeld dan van 1979 t/m 1983, al was ik evident nog steeds niet gezond, en ik een stuk optimistischer was geworden; en een derde belangrijke reden was dat allebei de gebeurtenissen - mijn verwijdering en mijn vergassing - op zichzelf minder belangrijk waren dan de lange nasleep ervan, die van de zijde van zowel de gemeentelijke universiteit als de gemeente Amsterdam bestond in het systematisch niet beantwoorden van mijn zeer serieuze klachten over hun eigen misdadig corrupte, oneerlijke, en bedriegelijke medewerkers; en de laatste reden was dat ik ook weer samen woonde, en vanaf 1987 met een behoorlijk intelligente vrouw, met wie ik veel praatte, over veel verschillende dingen.

Het jaar 1988 begon heel redelijk, en ik was in het eerste driekwart jaar ook nog steeds tamelijk gezond, al ging het wel langzaam en gestaag achteruit vanwege slaapgebrek, precies als tussen 1981 en 1983, al waren de oorzaken heel anders - en nee: Van 1984 tot halverwege 1988 - meer dan 4 1/2 jaar - had ik géén problemen met slapen, en géén last van mijn buren of anderen.

Overigens was het jaar 1988 voor mij zeer belangrijk door twee feiten, al bleek hun belang vooral na 1988:

1.
ik werd in Juni 1988 verwijderd van de faculteit voor wijsbegeerte, en wel omdat ik mijn mening eerlijk had gegeven als een genodigd spreker, en
dat hoewel ik die meningen alleen in vragende vorm had gegeven; en
2. ik werd in Augustus 1988 letterlijk vergast, en heb dat vrijwel zeker allleen overleefd (na diverse uren bewusteloosheid) omdat het pand overigens geheel verkrot was.

2. Een DOS-computer

Begin September 1987 kregen Jolanda en ik een Osborne cadeau van de vader van Jolanda, en - mede omdat dit mij zeer voldeed - kregen we ook een Philips- computer in Januari 1988. Hier is het nieuws van 15.ii.1988, iets na het begin (met materiaal uit 1988 blauw en ingesprongen):

8.ii.88: computer
Ik ben vandaag serieus met de computer begonnen - met een 512 Kb Philops 8088, met twee diskdrives en floppies die ieder 360 Kb kunnen bevatten. Dat is schitterend: Ik kan dit gewoon in m'n luie stoel zittend tiepen, met het toetsenbord op schoot en de radio rechts onder handbereik. Indeed, the Electronic Age has entered, en ik kan m'n gang gaan zolang de electriciteit en de computer werken. Maar het is schittered, en vergroot mijn mogelijkheden buitengewoon.
Dit werd tamelijk snel 640 Kb geheugen, maar daarbij blééf het tot 1996, vooral omdat Bill Gates beschikt had, ergens in de tachtiger jaren, dat niemand meer dan 640 Kb geheugen nodig had.

We hadden ook regelmatig problemen met de computers, zoals een werkelijk gruwelijke monitor met "4 kleuren" en pixels zo groot als 'n flinke punt van ruim een millimeter, maar deze konden gewoonlijk snel opgelost worden.

3. Ik leer over het bestaan van M.E.

Dit is van 15 februari 1988:
15.ii.88: M.E.
Overigens was er op 14.II een programma op de BBC WS over een ziekte die daar M.E. of M.A. genoemd werd - ik weet het niet meer omdat ik alleen het staartje van het programma hoorde - die precies op de mijne lijkt. (..) Dit is iets wat ik uit moet zoeken.
Dit was ook de allereerste keer dat ik over M.E. hoorde - dat al sinds het midden van de zestiger jaren bekend én erkend was, als serieuze ziekte, maar waar geen van de diverse tientallen medici die mijn ex en ik bezochten tussen 1979 en 1982 ooit van gehoord hadden, wat aantoont - zo'n 15 jaar later - dat ze niet wisten wat ze behoorden te weten (zeker de "medische specialisten").

Het programma hoorde ik later in de maand in een herhaling volledig, en het leek heel goed op mij van toepassing, maar omdat ik verder niets wist kon ik ook niets uitzoeken (en ik was te moe om naar een medische bibliotheek te gaan).

In feite duurde het tot in 1989, nadat ik materiaal had gekregen van Nederlanders die aan dezelfde klachten leden, dat ik, in eerste instantie door mijn huisarts (die mij een heel stuk beter kende dan de meeste van haar patienten, i.v.m. Jolanda), gediagnosticeerd werd als lijdende aan "M.E./F.M.", het laatste omdat mijn huisarts iets van F.M. wist en ik behoorlijk veel pijnklachten had. Maar daarover meer in 1989. [2]

4. Verrichtingen en plannen...

Dit is van dezelfde dag, en is behoorlijk optimistisch:
15.ii.88: Wat we verricht hebben sinds 1986
Jola en ik hebben dus het volgende voor elkaar gekregen in de afgelopen twee jaar:
- haar genezen
- mij genezen
- haar laten studeren
- haar een woning verschaft
- ons een woning verschaft
- mij laten studeren
- ons gecomputeriseerd

Voor twee jaar is dat niet slecht, zeker niet als je bedenkt waar het om ging en in welke situatie we verkeerden
En dat was heel zacht gezegd, maar was ook allemaal overwegend waar, zij het niet wat betreft "mij genezen": ik was een heel stuk beter geworden sinds 1984, en de enige plausibele reden waren de mega-vitamines die ik al die tijd geslikt (én betaald) had, maar ik was nog niet gezond, en zou in het najaar van 1988 beginnen met in elkaar storten vanwege veel te weinig slaap door veel te veel geluidsoverlast. [2] Maar daarover later.

Dit is van een kleine week later:
21.ii.88: Plannen....
't Resultaat is dit: Eindelijk heb ik waar ik sinds m'n 18e naar gestreefd heb: Een bijzondere vrouw; een prettig huis; en de mogelijkheden om te schrijven. 't Heeft 20 jaar gekost, en nu moet ik de mogelijkheden die ik me geschapen heb goed gaan gebruiken.
Maar ja - dat mocht niet van de drugshandel, niet van de huisbaas, niet van de gemeentepolitie, en niet van Van Thijn, die allemaal aktief pro-drugshandel waren.

Want uiteindelijk hingen een groot deel van mijn problemen samen met de drugshandel, waarover direkt meer, na het volgende:

5. Eigen stukken en "Vragen"

Dit is uit April 1988:

16.iv.88: Eigen stukken
Ik heb de redacties van Cimedart en Spiegeloog [de 2 faculteitsbladen van filosofie en psychologie] een brief geschreven met teksten van mij uit 1982 voor de UR [Universiteitsraad], en in beginsel afgesproken in juni in beide bladen het e.e.a. over de UvA te schrijven.

24.iv.88: "Vragen"
Ik heb ondertussen zowel van Cimedart als Spiegeloog zo ongeveer carte blanche gekregen, kennelijk op de kwaliteiten van mijn conversatie en mijn stukken. Ook heb ik donderdag een stukje bestaande uit alleen - extreem geformuleerde - vragen aan Cimedart gegeven, op hun verzoek. Dat stuk - overigens onder pseudoniem, want ik heb geen zin in de normale publieke projecties - komt in de Cimedart van mei. Ik verwacht dat het stof zal doen opwaaien, was het alleen vanwege de toon.

Dat is gedeeltelijk opzet, want het volgende stuk, dat in antwoord op het huidige, dat "Vragen" heet, "Antwoorden" zal heten zal ik heel koel, zij het met veel minachting, houden.
Ik wist niet meer dat ik "Vragen" al een maand voor de voordracht geschreven en afgeleverd had bij Cimedart. Trouwens... "Vragen" deed geen publieke stof opwaaien: ik was vrijwel de enige die serieus was, en degenen die wellicht hadden willen reageren wisten al dat ik verwijderd was van de faculteit, en als quasi "revolutionaire marxistiese student" keek je dan wel uit je mond open te doen, in de revolutionaire marxistiese UvA, formeel geregeerd door de studenten.

En overigens: Ik was werkelijk vrijwel de enige student die serieus gaf om de zeer lage kwaliteit van het onderwijs dat ik kreeg, want de meeste andere studenten hadden ofwel geen idee van wat ze allemaal niet kregen, ofwel waren dankbaar dat het halen van een doctoraal zo makkelijk was, ofwel (in de grote meerderheid van de gevallen) allebei.

Ik had dit overigens nog niet goed door in 1988: Hoe bijzonder oneerlijk de meeste studenten waren, en althans een deel van de reden daarvoor was dat ik, vooral vanwege mijn ziekte, niet zoveel studenten sprak.


6. Overlast, herrie en problemen

Er is dit uit eind April 1988:
24.iv.88: Overlast, herrie en problemen
De afgelopen week trouwens weer last van herrie: De koffie-bar beneden wordt verbouwd door twee, kennelijk, hongaarse homo's, waarvan één met het stemgeluid van een hondsdolle papegaai, die voortdurend op 130 decibel aan het kwetteren en krijsen is. Het zijn egoïsten, die Chris van 1 hoog hebben laten weten dat de te verwachten geluidsoverlast helemaal niet erg is want "maar tot 10 uur 's avonds zal duren"; ze verdommen het een plafond in hun tent te zetten dat tegen de geluidsoverlast zal werken; ze hebben de afzuiginstallatie verwijderd, etc. Het ziet er dus naar uit dat de afdeling vergunningen eens om aktie gevraagd moet worden.

Bovendien: Mul kwam deze week in aktie. Zijn twee schilders hebben in totaal 2 1/2e dag gewerkt (voor het eerst sinds november, sinds wanneer de stijger er wel aldoor stond) en vervolgens is de stijger afgebroken, afgelopen vrijdag. De werkzaamheden nodig voor de aanschrijving zijn niet, niet volledig of niet goed verricht, dus Mul dient aangeschreven.

Dit zijn weer van die domme dingen die ik hier maar opschrijf om later te weten hoe het was - de betreffenden zijn zeker niet met rede tot redelijk gedrag te bewegen.
Van de koffiebar (zonder drugs) hadden we drie jaar geen enkele last gehad, maar vanaf het allereerste begin, in April 1988, was de coffeeshop (met drugs, en zoals in 1991 bleek ook met heroïne en cocaïne) een bron van grote geluidsoverlast, en niet "tot 10 uur" 's avonds, maar tot 1 uur 's nachts, of later.

De afdeling gemeentelijke vergunningen bleek alleen uit volkomen corrupte bijzonder onbeschofte rijkworders te bestaan, die aan alles wat ze niet verrijkten hun ambtelijk kont afveegden; en Mul deed absoluut nooit iets volgens de aanwijzingen van de Bouw- en Woningdienst, kennelijk uit principe. Bovendien hadden we sinds 1985 één van de zeer weinige goede inspecteurs van de B en W dienst, maar die bleek snel te verdwijnen in 1988, kennelijk omdat hij het Mul te moeilijk maakte (want de
Bouw- en Woningdienst bestond ook voornamelijk uit volkomen corrupte rijkworders, toen al).

Allebei de soorten corrupte rijkworders waren vooral mogeijk door het gruwelijk slechte bestuur door Van Thijn, en door de steeds grotere en steeds sneller uitbreidende zeer corrumperende invloed van de handel in - vooral - soft drugs, die onder Van Thijn zowel quasi gelegaliseerd werden (je kon vanaf ca. 1990 overal in Amsterdam in honderden coffeeshops hash en marijuana krijgen, alsof dit volkomen vrij verkocht kon worden) én als volkomen illegaal werden gehouden, het laatste, neem ik aan, vanwege de zeer winstgevende handel.


7. Het gedrog van Hans Swart

Dr. Hans Swart - als ik mij zijn naam goed herinner - gaf wetenschapsfilosofie aan de UvA, kennelijk als opvolger van dr. Peter Wesley, die afscheid had genomen van de UvA in 1977 omdat hij het geheel oneens was met het aan de UvA heersende marxisme.

Swart was in mijn ogen een nogal vreemde man, die bovendien heel weinig sprak, maar die gewoonlijk wel - ook in de UR, waarin hij zitting had in 1982 voor een personeels-partij - de juiste beslissingen nam, in mijn ogen.

Het was ook vooral omdat hij zowel wetenschapsfilosofie gaf (waarvoor ik ook diverse dingen bij hem gedaan had, allemaal met een 8 of beter gewaardeerd) én omdat ik het overwegend eens was geweest met zijn beslissingen in de UR dat ik me tot hem gewend had, ik meen al ca. 1983, om mijn doctoraal-begeleider te worden, wat inhield dat ik mijn doctoraal-scriptie voor hem zou schrijven. (En een doctoraal-begeleider was noodzakelijk of af te kunnen studeren, en is gewoonlijk geheel onproblematisch. Ik had mijn kandidaats filosofie al in 1980 gekregen, trouwens.)

Hij had hiermee ingestemd, en had ook ingestemd - met enige moeilijkheden - met mijn doctoraal-onderwerp: De "Ideen" van Multatuli. Swart's moeilijkheid  was vooral dat hij weinig van Multatuli wist, maar ik had hem uitgelegd dat dit niet gaf; dat Multatuli 7 delen Ideen had geschreven die nog nooit zelfs maar behoorlijk gerecenseerd waren door enig Nederlander; en dat de drie redenen waarom ik op Multatuli af wilde studeren waren dat ik een bewonderaar van Multatuli was; dat ik de Ideen grondig, herhaaldelijk en geheel gelezen had (wat maar heel weinigen mij kunnen nazeggen) en vond dat ze een flink aantal ideeën bevatten die een heel stuk vroeger door Multatuli verkondigd werden dan zo'n 50 jaar later door Britse en Oostenrijkse filosofen; en dat het overigens een protest was tegen het zeer verleugende en bijzonder onwetenschappelijke klimaat dat aan de UvA heerste (waar Swart het in beginsel mee ééns was).

Maar op 4 mei 1988 liet Swart mij plosteling weten dat hij ophield mijn doctoraal-begeleider te zijn. Redenen kwamen er niet, en enige tegemoetkoming voor de door mij geïnvesteerde tijd en arbeid, bijvoorbeeld in "Multatuli en de Filosofie", dat ik hem ook gegeven had in September of Oktober 1987, kwam er ook niet.

In feite zei Hans Swart weinig anders dan dat hij me niet meer hielp. Ik vermoed dat de voornaamste reden in
"Multatuli en de Filosofie" lag, waarvan ik aanneem dat hij het te radikaal vond, maar ik voelde me nogal verraden omdat ik van mijn meningen over de UvA nooit een moordkuil had gemaakt, maar hij het zelfs nooit opgebracht had te zeggen dat hij het niet met mij eens was.

Verder liet hij zich nergens over uit, en het geval wil ook dat hij enkele maanden later een psychiatrische dwangopname kreeg, waardoor hij ook snel van de UvA verdween.

Ik heb niets meer over of van hem gehoord sinds 1988, en vermoed dat hij al jaren dood is.

En hoe het zij: Daar stond ik weer, geheel alleen, want mijn doctoraal-begeleider (vrijwel de enige aan de universiteit bij filosofie waar ik enige intellectuele sympathie voor had) had mij verlaten, ook geheel zonder gegeven goede redenen.

8. De coffeeshop start bedreigingen

In begin 1988 was de coffeeshop die tot dan geëxploiteerd werd door een Pakistani (met zeer weinig inkomsten, maar zonder de minste overlast) overgedaan aan nieuwe uitbaters, die dat deden omdat ze niet alleen of voornamelijk in koffie wilden handelen, maar vooral in hash en marijuana.

En dat "mócht van burgemeester Van Thijn": Zíjn handtekening prijkte op een brief die de heren drugshandelaren voor hun raam hingen. Het grote probleem was dat Van Thijn formeel helemaal niets te zeggen had over verkoop van hashish en marijuana in Holland, want dat was - en is - wettelijk verboden.

Desalniettemin gaf de burgemeester zijn exclusieve persoonlijke toestemming én handtekening aan - de met hem bevriende? - drugshandelaren die de coffeeshop overnamen.

Ik heb de achtergrond hier geheel nooit uitgelegd gezien, maar het schijnt alsof Van Thijn en enkele PvdAers - of advocaren van de gemeente Amsterdam - een deal met "de rechterlijke macht" gemaakt hadden, die erin bestond dat hij, als burgemeester, coffeeshops zou "goedkeuren", die "de rechterlijke macht" vervolgens ongemoeid zou laten door ze eenvoudig niet te vervolgen voor de handel in soft drugs, zij het wel voor de handel in hard drugs.

Hier viel wat voor te zeggen, in mijn optiek, omdat ik al in 1969 gekonkludeerd had dat hashish en marijuana ongevaarlijk en niet verslavend waren, en daarom ook een voorstander was van legalisatie.

Bovendien was er al in 1969 een erkende handel in soft drugs in Paradiso en Fantasio (dat formeel besloten inrichtingen met verplicht lidmaatschap waren, maar informeel voor iedereen toegankelijk waren), en waren er vanaf 1984 diverse coffeeshops in Amsterdam waarvan iedereen wist dat je er zowel koffie als hashish en marijuana kon kopen, en die ook - voorzover mij bekend - geen enkele overlast gaven.

Maar er waren tot 1985 - 16 jaar na 1969 - vrijwel geen politici te vinden in Nederland die dat ook vonden, althans in het publiek, en er gingen in 1985 - en tot 2005, in ieder geval - jaarlijks agenten (met subsidie) naar de V.S. om daar "voorgelicht" te worden over hashish en marijuana.

Deze "voorlichting" bestond uit de pretentie dat hashish and marijuana nauwelijks ongevaarlijker waren dan heroine en cocaine, en daar bovendien het voorstadium voor waren. (Dit zijn allebei grove leugens.)

Er bestond dus minstens 20 jaar een tweesporen-beleid in Nederland: Enerszijns beslisten eerst alleen Amsterdamse burgemeesters, maar later ook burgemeesters van andere steden, wie waar hasish en marijuana mocht verkopen, en anders- zijds  waren er ieder jaar weer sterke verhalen in de pers van poltie-inspecteurs die in de VS hadden geleerd dat marijuana en hashish bijna noodzakelijk tot cocaine en heroine-gebruik leiden, en daarom bijzonder gevaarlijk zijn.

Dit was volstrekt en volledig tegenstrijdig. Daar kwam bij dat de feitelijke "regels" die Van Thijn (en later de andere burgemeesters) hanteerden erop neer kwamen dat helemaal niemand dan de dealers c.q. eigenaars konden weten hoeveel ze verkochten, eenvoudig omdat dit beleid was:

Dealers/eigenaars konden vervolgd worden als ze teveel hashish en marijuana in hun winkel hadden, maar niemand dan zij wisten - zo ging het verhaal, want zo waren "de regels" - hoeveel ze verkochten.

Dit heette "het achterdeur-beleid", en het was evident één grote bestuurlijke leugen, die op twee manieren verklaard kan worden: Ofwel het was een formele poging om de burgemeesters te vrijwaren van enige kennis van hoeveelheden, omdat het enige wat ze (zogenaamd) wisten was dat er marijuana en hashish verkocht werd op de burgemeesterlijk toegestane plek, maar niet hoeveel noch van welke kwaliteit; ofwel het was een formele poging om de burgemeesters te vrijwaren van vervolging vanwege het geven van toestemming voor welbepaalde hoeveelheden.

In feite is de kwestie academisch, omdat er nooit tot vervolging van enige burgemeester is besloten, al tekenden die allemaal papieren brieven waarin vele honderden coffeeshops "officieel burgemeesterlijk goedgekeurde" plaatsen waren waar in illegale drugs gehandeld werd.

U mag van mij geloven wat u wil, inclusief dat de Nederlandse burgemeesters - sinds 1987 !! - geen enkel idee hebben hoeveel marijuana en hashish er verkocht wordt in de zaken die zij hun "persoonlijke goedkeuring" hebben gegeven een buitengewoon winstgevende, geheel onbelaste, handel in illegale drugs te voeren, en u mag ook geloven dat alle Nederlandse burgemeesters die dat deden - ondertussen 28 jaar lang - ook geen enkel financieel profijt hebben gehad van deze gigantische op basis van hun "persoonlijke toestemming" illegale exceptioneel winstgevende handel gehad hebben.

Ikzelf - die van 1988 tot 1992 verteld ben door gemeentelijke ambtenaren van de volledige corrupte gemeentelijke Bouw- en Woningdienst dat ik "een leugenaar" ben - geloof echter dat alle burgemeesters logen, en als k gelijk heb (ik wéét het niet zeker, omdat alles al 25 jaar volledig geheim gehouden wordt) dan niet voor weinig geld: Als ze van iedere omgezette 10 euro (of 10 gulden) precies één cent krijgen (en waarom niet: dienst en wederdienst, immers) dan gaat het in 25 jaar om zo'n 250 miljoen euroos...

Maar later meer hierover.

9. Ik word gevraagd als spreker + toespraak


Ik geloof dat ik ergens in April 1988 gevraagd werd - "omdat je dat zo goed kan" - om een bijeenkomst van de staf + studenten van filosofie toe te spreken.

Hoe het precies zat weet ik niet meer, en ik weet ook niet meer of de gelegen- heid biijzonder was vanwege een of andere reden, maar weet alleen nog dat de zojuist geciteerde frase gebruikt werd (met enig recht, want ik had regelmatig gesproken in het Maagdenhuis  en had enige faam, of beruchtheid, vanwege mijn formuleringsgemak en "radicale" meningen [3]), en dat ik staf en (geïnteres-  seerde) studenten toe kon spreken, en had "ja" gezegd.

Achteraf was dat een behoorlijk grote fout van mij, althans gemeten aan de uitkomst, maar ik had redelijk veel te vertellen, en ik had ook nooit geloofd dat

(1) ik verwijderd zou worden van de UvA vanwege mijn persoonlijke menngen;
(2) dat ik geheel geen advocaat zou kunnen vinden die bereid was hiertegen op te treden; en
(3) dat ook de gehele pers deed alsof er helemaal niets gebeurd was.

Maar dat gebeurde allemaal wel, en dit is ook een deel van de verklaring van mijn ondergang:

Als je ziek bent en je menselijke rechten - om behoorlijk te kunnen studeren - worden systematisch met voeten getreden, dan reken je op hulp van anderen in een land als Nederland, waar in die tijd vrijwel iedereen "een voorstaander van mensenrechten" beweerde te zijn.

Maar nee: ik kon dood vallen vanwege de advocatuur, de pers, en de zeer grote meerderheid van mijn medestudenten.

Hoe het zij, ik hield mijn praatje, uitdrukkelijk in vragende vorm. Dit is de redevoering die ik hield, precies zoals ik 'm feitelijk hield - en NB het bovenstaande: Ik had het duidelijk over "
extreem geformuleerde - vragen".

Wel... hier zijn ze:


39 Vragen n.a.v. de kwaliteit van onderwijs & bestuur in Nederland

1. Is het niet zo dat Wittgenstein ergens zegt dat het mogelijk moet zijn een filosofische verhandeling alleen bestaande uit vragen te schrijven? (Het antwoord op deze vraag is: Ja.)

2. En is het niet zo dat de meest directe en praktische vragen over filosofie en, meer algemeen, wetenschap en cultuur, vragen over het niveau en de kwaliteit van het onderwijs in filosofie en wetenschap zijn - omdat immers het niveau van cultuur in een maatschappij nauw samenhangt met de kwaliteit van het onderwijs in die maatschappij?

3. Want is het ook niet zo dat een moderne maatschappij waar gemiddeld slecht onderwezen wordt; waar de universiteiten en voorbereidende opleidingen slecht zijn; of waar wat onderwezen wordt geen wetenschap maar politieke ideologie is een maatschappij is die zichzelf langzaam maar zeker aan het vergiftigen is?

4. Is het niet zo dat Nederland sinds de Mammoetwet en de WUB in die positie verkeert?

5. En is het niet zo dat een slechte of middelmatige universitaire of voorbereidend wetenschappelijke opleiding niet alleen neerkomt op langzaam maar zekere culturele zelfmoord, maar ook persoonlijke verontrechting is van studenten die hun grondrecht op een goede opleiding in overeenkomst met hun talent ontnomen wordt?

6. Is het niet zo dat in Nederland al 20 jaar lang kwasi-akademische diploma's uitgereikt worden aan quasi-intellectuelen in zachte vakken - quasi-intellectuelen die vervolgens echte functies bekleden, waarin ze beslissen over de echte levensmogelijkheden van hun ondergeschikten en cliënten, en echt hoog voor betaald worden?

7. Is het niet zo dat een maatschappij die incompetentie beloont, beschermt en in stand houdt daardoor vergiftigd wordt - even zeker als de natuur vergiftigd wordt door milieuverontreiniging?

8. En is het ook niet zo dat beide vormen van vergiftiging blijven bestaan omdat de belanghebbenden er ... belang bij hebben, en de macht hebben? En omdat het inderdaad zinloos want ineffectief is om in Nederland enige ambtenaar, hoe lui, hoe onbeschoft en hoe incompetent ook te kritiseren, omdat in Nederland iedereen met een publieke functie, hetzij ambtelijk of politiek, door collaborerende "geachte collegae" van precies dezelfde kwaliteit gedekt wordt?

9. Is het ook niet zo dat in Nederland feitelijke verantwoordelijkheid niet meer bestaat voor enige hoge politieke of ambtelijke functie, o.a. omdat deze functies voortdurend verdeeld worden tussen partijvriendjes, kamerleden, incompetente staatssecretarissen, vakbonzen en andere politiek georganiseerde uitvreters, en de ene uitvreter - in de zin: moreel onverantwoordelijk; intellectueel incompetent; en bewogen door grote geld- en status-geilheid - de andere uitvreter altijd dekt?

10. En is het niet zo dat er in Nederland nauwelijks een moreel en intellectueel bekwame politicus, bestuurder of hoge ambtenaar te noemen valt - met als vrijwel unieke uitzondering van fatsoenlijk, bekwaam en Nederlands politicus de 100-jarige Drees?

11. Is het niet zo dat er aan de HELE UvA geen enthousiaste, in goed Nederlands gehouden, inspirerende colleges gegeven worden? Is het niet zo dat aan het aan de UvA ongebruikelijk is dat de docenten goede en duidelijke collegedictaten leveren?

12. Is het niet zo dat het gros van de gebruikte boeken slecht zijn?

13. Is het niet zo dat vrijwel niemand van de docenten de afgelopen 20 jaar geprotesteerd heeft tegen de politisering van wetenschap en onderwijs aan de UvA; of tegen de puinhoop van de Tweede Fase; of tegen de achtergestelde positie van de AiO's; of tegen het bevoordelen van miniem kleine fanate aksiegroepjes (door hun leid(st)ers akademische banen en verdere voorrechten te geven)?

14. Is het niet zo dat aan de UvA de meerderheid van het wetenschappelijk personeel, in ieder geval aan de gamma- en alfa-faculteiten intellectueel niet of nauwelijks gekwalificeerd zijn; geen hoogwaardig wetenschappelijk onderzoek plegen, en eigenlijk nauwelijks in hun vak en des te meer in hun salaris geïnteresseerd zijn?

15. Is het ook niet zo dat aan de UvA de meerderheid van de studenten, in ieder geval in de gamma- en alfa-vakken, door de ramp die VWO heet te laag gekwalificeerd zijn voor een goede universitaire opleiding, en overigens niet geïnteresseerd zijn in grote delen van het vak dat ze studeren, maar alleen studeren om carrière te maken?

16. Is het niet zo dat de universitaire docenten al 20 jaar beweren dat hun kwaliteiten niet objectief vastgesteld kunnen worden?

17. En is het niet zo dat ze dat niet zeggen omdat het zo is, maar om te verhinderen dat hun gebrek aan kwaliteit aan het licht komt?

18. Want is het immers niet zo dat alleen van wie geen kwaliteiten heeft de kwaliteit niet kan worden vastgesteld?

19. Is het niet zo dat al 20 jaar lang een groot deel van het onderwijs in de alfa- en gamma-faculteiten in feite politieke ideologie is; als wetenschap verkapte vooroordelen?

20. Is het niet zo dat al 20 jaar lang in vele faculteiten door hoogbetaalde docenten verkondigd is - zoals ik dat tientallen malen in de filosofische en psychologische faculteiten gehoord heb - dat "iedereen weet dat waarheid niet bestaat"; dat "objectieve wetenschap een illusie is"; dat "rationeel denken moreel onverantwoord is"?

21. Is het niet zo dat dit totalitaire meningen zijn, die vooral geformuleerd werden om linkse politiek terwille te zijn, maar evengoed vragendekunnen dienen om te argumenteren dat er geen 6 miljoen joden vermoord zijn in de 2e wereld-oorlog, als dat Adolf Hitler een groot humanistisch genie was - "iedereen weet immers dat waarheid niet bestaat" en "objectieve wetenschap is immers een illusie" en "(menselijke) kwaliteiten kunnen niet objectief vastgesteld worden"?

22. Is het niet zo dat de inhoudelijke nadruk in het onderwijs aan de UvA in de alfa- en gamma-faculteiten en in het bestuur 20 jaar lang het uitdragen van dit soort totalitaire politieke ideologie is - weliswaar ten behoeve van linkse, zogenaamd humanitaire, doelen en stelsels, maar evengoed bruikbaar voor ieder ander totalitair waansysteem?

23. Is het niet zo dat als de - altijd laffe, achterbakse en schijnheilige - Nederlandse bestuurders of verantwoordelijkheidsdragers al een tipje oplichten van de sluier over de beerput die ze beheren, het bij hun afscheid is - als ze gepromoveerd worden naar een nog beter betaalde versluierde beerput, waarvan het vette salaris evenmin stinkt ... tot de volgende promotie?

24. En is het niet zo dat deze zwijgzaamheid veel verklaart over het verschijnsel collaboratie in de 2e W.O.?

25. Is het niet zo dat een deel van de reden van de feitelijke puinhoop die de UvA is, de ruine van wat eens een bloeiende autonome, aan wetenschap en cultuur gewijde universiteit was, maar nu tot een pretentieuze, verziekte en zoveelste-rangs HBO-opleiding verworden is, veroorzaakt is door 20 jaar incompetent bestuur - grotendeels door schijnheilige PvdA-coryfeeen zonder de minste interesse in wetenschap of onderwijs, maar (wat deze huichelaars ook over hun motieven mogen beweren) vooral bewogen door macht- en geld-zucht?

26. Is het niet zo dat er in ieder geval al 15 jaar geen fatsoenlijke financiële verantwoording afgelegd wordt aan de UvA?

27. Is het niet zo dat aan de UvA incompetente bestuurders, als zodanig gewaarmerkt door de UR, met pensioen gestuurd worden met een universiteitslintje en 850.000 gulden gemeenschapsgeld aan gouden handdruk?

28. Is het niet zo dat er in de periode 80-85 aan de UvA 60 miljoen gulden "verdwenen" is (45 miljoen in de UvA; 15 miljoen bij de SSH)?

29. Is het niet zo dat dit geld verdwenen is omdat het bestuur al 20 jaar incompetent is; omdat er geen effectieve verantwoordelijkheid is; en omdat iedereen weet dat er toch ieder jaar een half miljard vanwege het Ministerie van Onderwijs komt?

30. Is het niet zo dat het aan de UvA niet gaat om de gepubliceerde schijnheilige praatjes over het onderwijs, of de politieke ideologie, maar dat dat allemaal op morele en intellectuele incompetentie gebaseerde schijnheilige leugens zijn die de hebzucht en onverantwoordelijke uitvreterij dienen?

31. Is het niet zo dat de nu weer voor de boeg staande UR-verkiezingen alleen en uitdrukkelijk alleen een middel zijn om de ASVA-, en de PP-fracties en het CvB een quasi-democratische legitimatie van hun voortdurende machtspositie en hun voortdurende incompetentie en uitvreterij zijn?

32. Is het niet zo dat er aan de UvA alleen te kiezen is uit de ene of de andere machtsgeile uitvreter(es) zonder de minste of geringste echte interesse in wetenschap of onderwijs maar alleen bewogen door politiek fanatisme of geldzucht en carrièrebelang?

33. Is het niet zo dat een groot deel van het TAS-personeel, vergeleken met normen in het bedrijfsleven, nauwelijks werkt?

34. Is het niet zo dat een groot deel van de linkse politieke meningen die 20 jaar zo populair waren aan de UvA vooral populair waren, niet omdat de uitdragers ervan echt ethisch bewogen waren, maar omdat het alle belanghebbenden, dus iedereen met een functie in de UvA, vrijwel onbeperkte mogelijk heden tot niets doen en onverantwoordelijkheid gaf - want volgens de gelden de ideologische praatjes is "iedereen gelijk" en "dient alle besluitvorming gedemocratiseerd"?

35. En kwam dit, afgezien van de mooie praatjes, in de praktijk niet neer op alle gelegenheid plus legitimatie van uitvreterij, niets doen, kantjeserafloperij, luiheid, en gehuichel, en bescherming van als wetenschap vermomde politieke ideologie als onderwijs?

36. Is het niet zo dat wetenschap het culturele en economische fundamenten van onze maatschappij is, omdat we eten en leven van de door eeuwenlang wetenschappelijk onderzoek gevonden technologie en omdat wetenschappelijke redeneermethoden ons enige middel zijn om de werkelijkheid adekwaat te begrijpen en verklaren, en om onzinnige politieke ideologieën, ontspoorde religieuze stelsels en andere vormen van bijgeloof redelijk te kritiseren?

37. Is het niet zo dat de kwaliteit van onze economie, en de daarvan te verwachten welvaart, recht evenredig is met de kwaliteit van de wetenschappelijke opleidingen - omdat onze economie gebaseerd is op wetenschappelijke technologie?

38. En is het niet zo dat de kwaliteit van onze cultuur, en het daarvan te verwachten welzijn - medemenselijkheid; tolerantie; kortom: redelijk handelen naar realiseerbare plannen - recht evenredig zijn met de kwaliteit van de wetenschappelijke opleidingen - omdat onze cultuur gebaseerd is op normen van rationeel redeneren en redelijk handelen die vooral wetenschappelijk of aan wetenschappelijke normen ontleend zijn?

39. En is het niet zo dat wetenschap en goed wetenschappelijk onderwijs, rationeel denken en redelijk handelen, van het allergrootste culturele en menselijke belang zijn - en dat aan de UvA wetenschap en wetenschappelijk onderwijs gecorrumpeerd en verrot zijn; rationeel denken getrivialiseerd en kapotgemaakt is; en redelijk handelen alleen in schijnheilige travestie bestaat?



Wat mij betreft waren en zijn dit volledig terechte vragen, die bovendien gebaseerd waren, in 1988, op toen ondertussen 11 jaar ervaring met de UvA, al heb ik niet alle 11 jaar ingeschreven gestaan of gestudeerd:

Voor mij was vrijwel alles dat ik meegemaakt heb - veel - aan de UvA gebaseerd op brutale oplichterij, en kreeg ik een "wetenschappelijke opleiding" die héél weinig met echte wetenschap van doen had, en alles met de onvermogens van de meerderheid der studenten (met een gemiddeld IQ van een ULO-leerling in de 50er jaren: 115) en met de onvermogens, luiheid, leugens en gigantische aanstellerij van bijna alle stafleden, die pretendeerden halfgoden te zijn in filosofen-land, maar vrijwel allemaal helemaal niets publiceerden, en geheel geen behoorlijk onderwijs gaven: er was maar één staflid dat enigszins redelijk college kon geven.


Voor de leden van de staf was het precies omgekeerd: Ik was niets beter dan waar een deel van de studenten mij uitkreten naar afloop: "een vuile fascist", en ik had hen - wier pretenties vrijwel nooit tegengesproken of betwijfeld werden - bijzonder en persoonlijk beledigd, eenvoudig door aan hun pretenties te twijfelen.

Als gezegd werd ik vrijwel direct na afloop uitgescholden voor "fascist" en "vuile fascist" door studenten (niet door stafleden, al waren de meesten het waarschijn- lijk geheel eens met de studenten), vooral nadat ik enkele discussies met stafleden had gewonnen, maar ik hield er onmiddellijk mee op toen iemand rhytmisch op een tafel begon te rammen onder de kreet "terrorist!", "terrorist!", "terrorist!".

10. Ik word van de universiteit verwijderd bij filosofie

Ook was mij vrijwel direct nadat ik uitgesproken gezegd door dr. Frans Jacobs dat "als je zo begint, dan gooien we je van de faculteit af", wat ik - die een grote hekel had aan Jacobs omdat hij studenten naar believen uitkafferde en beledigde - niet erg serieus nam.

Maar het gebeurde wel, zo'n twee maanden later: Zie de brieven van wijlen prof.dr. Cornelis Verhoeven (een katholieke oplichter en uitvreter, die er toen pas zat) en van het College van Bestuur, en mijn verweer daartegen aan de faculteit en aan het College van Bestuur.

Ik heb dit hier zo kort mogelijk enigszins adekwaat samengevat, en verwijs wie er meer van wil weten naar de brieven. De mijne zijn interessant en goed geschreven, maar ze zijn ook gebaseerd op de misvatting dat ik met redelijke en rationele mensen te maken had, of zou kunnen hebben, terwijl ik feitelijk met bijzonder onredelijke, bijzonder verwende, en behoorlijk welbetaalde uitvreters en oplichters van doen had.

11. Jolanda en ik worden - letterlijk - vergast

Ergens in september zetten Jolanda en ik de gaskachels waarop we moesten
stoken weer aan, vanwege de dalende temperatuur. Niet lang daarvoor was er een metselaar langs geweest die de schoorsteen hersteld zou hebben, wat ik toen niet zelf gecontroleerd had bij gebrek aan specifieke deskundigheid, al was het wel zo dat hij een ongelovelijke rotzooi - puin, troep, metselspecie - achterliet op zolder.

Ik vermoed de volgende of daarop volgende dag zat ik 's avonds, terwijl het nog helder licht was, ik vermoed rond 8 uur en nadat Jolanda en ik samen hadden gegeten, te werken met de computer toen ik me nogal plotseling ziek voelde worden en ook behoorlijk flauw. Ik riep Jolanda, die op de verdieping eronder was, maar toen ze boven kwam zei ik weinig anders dan "ik voel me plotseling behoorlijk beroerd" en zakte vervolgens bewusteloos in elkaar, waarop Jolanda vrijwel direct hetzelfde deed.

We hebben daar diverse uren gelegen, en de eerste paar uur bewusteloos, en de rest van de tijd behoorlijk tot zeer daas, maar niet meer bewusteloos en overigens ook niet echt ziek, behalve erg slap. Ergens rond half twaalf, toen we allebei weer enigszins konden lopen, besloten we dat het waarschijnlijk een voedselvergiftiging was. (Dat was dom, maar waarom de "pas gerepareerde" schooorsteen verdenken?)

De volgende dag ging Jolanda's kachel op twee hoog voortdurend uit, maar de mijne deed het nog steeds normaal. We lieten een kachelreparateur komen, die een kapotte hupsedinges (ik weet 't niet meer) zei te konstateren, daar een nieuwe voor inzette, 85 gulden incasseerde, en ons weer alleen liet. De kachel werkte, maar viel de volgende dag weer herhaaldelijk uit.

Toen haalde Jolanda de kachel naar voren, haalde de kachelpijp weg, en stak haar hand in de schoorsteen, en ontmoette daar vooral puin. We belden de huisbaas en de metselaar, en de metselaar kwam dezelfde middag.

12. De schoorsteen

Er werden door deze metselaar, onder een zeer vaak herhaald
"U hat wel kennuh stikkuh fan duh koolmonoksiede"
"U hat wel kennuh stikkuh fan duh koolmonoksiede"
"U hat wel kennuh stikkuh fan duh koolmonoksiede"  etc. etc.
twee zakken puin en stenen uit het kachelgat op de tweede verdieping gehaald, en ruim één zak uit het kachelgat op de derde verdieping.

De volgende dag of de dag daarop kregen we weer bezoek van de inspecteur van de Bouw- en Woningdienst, meneer Landwaard, die ik sinds 1985 kende, en voor een fatsoenlijk man hield.

Hij vertelde ons twee dingen.

Het eerste was, na zijn inspectie, dat de schoorsteen intern ingestort was, vrijwel zeker als gevolg van "de reparaties" die de metselaar had uitgevoerd; dat de schoorsteen zoals hij er nu bijstond, in zijn woorden, "levensgevaarlijk" was; en dat de oplossing bestond uit het inhijsen van metalen wanden (een buis) voor de kachelafvoer. (Er was overigens geen alternatieve schoorsteen: We moesten
daarop stoken, of onverwarmd blijven.)

Het tweede was dat het hem speet, maar dat dit de laatste keer was dat we hem zouden zien: Zijn superieuren hadden hem ontheven van zijn taak (die hij naar mijn beste weten altijd goed uitgevoerd had) en hadden een vervanger aan- gewezen, die Van Dijk heette.

Hij had nog wel een raad: We moesten vreselijk goed oppassen met de schoorsteen en konden het beste met minstens één raam open leven, zolang de schoorsteen niet afdoende gerepareerd was.

En hij vond het "een schande" wat gebeurd was, maar had zijn best gedaan Mul aan z'n woord te houden (waarvan zowel hij als ik wisten dat deze dat altijd brak als het enigszins mogelijk was).

Wat er vervolgens gebeurde was dit: Van Dijk heb ik één keer gezien in de komende 3 1/2 jaar en was overigens geheel nooit te bereiken; en de gaten in de schoorsteen en het resterende puin in de schoorsteen bleven daar 3 1/2 jaar liggen omdat de gehele gemeente Amsterdam nu besloten had mij en Jolanda voor "leugenaars" te houden, en overigens geheel nooit - 3 1/2 jaar lang - enige brief van mij beantwoordde, inclusief zéér dringende brieven aan de burgemeester (persoonlijk door mij ter hand gesteld van de persoonlijke portier van Van Thijn) die eenvoudig al die tijd deed alsof ik niet bestond, en dat nog steeds doet.

De woning bleef dus 3 1/2 jaar levensgevaarlijk, en ik ben er uiteindelijk uit gevlucht in Februari 1992. Maar daarover meer later.

13. Gezondheidsproblemen: Begin instorting


Ik krijg vanaf half november problemen met mijn blaas: ik moet veel plassen en heb een drukkend gevoel in de buik, soms pijnlijk. Het gaat niet weg en bemoeiljkt slapen zeer vanwege het zeer regelmatige plassen. De dokter stuurt me naar de poli VU, die in eerste instantie niets vinden, maar een blaas- ontsteking diagnosticeren, en daar medicijnen tegen voorschrijven, ergens in december. Maar het gaat niet echt over, en blijft doorgaan in het nieuwe jaar 1989, waarin ik verder in zal storten, vooral door slaapgebrek door geluidsoverlast.

Tenslotte schreef ik in december 1988 mijn eerste column voor Spiegeloog, nadat ik twee lange brieven had geschreven aan de faculteit voor filosofie en het College van Bestuur die geheel niet beantwoord werden: Hoeren van de Rede (gedeeltelijk een herhaling van UR 1982).

Aantekening: Ik heb de autobiografie voor 1988 [4] tamelijk kort gehouden (vergeleken met voorgaande en volgende jaren), maar het moet opgemerkt worden dat er behoorlijk veel meer te vinden is hier:

-----------------------------------------------------------
Notities

[1] Het is trouwens heel wel mogelijk dat er nog het een en ander te vinden is op de vele 3,5 inch floppies die ik aanmaakte tussen 1988 en 2002, maar ik ben er nog steeds niet in geslaagd deze weer leesbaar te maken. (Dit zou enig verschil met de - nog niet geschreven - 2e versie van mijn autobiografie kunnen vormen. Er is in ieder geval aanmerkelijk meer, maar voor 't moment is 't niet leesbaar.)

[2] Van 1979 tot 1989 had ik geloofd, maar niet met veel stelligheid, dat Anna en ik sarcoïdose hadden, vooral omdat een vriendin dat gehad had, en de symptomen redelijk leken te kloppen. Anna en ik waren in 1982 ook gestopt met doktoren bezoeken, vooral omdat we zelden behoorlijk behandeld of behoorlijk onderzocht werden.

We werden wel af en toe behoorlijk behandeld en behoorlijk onderzocht, maar de uitkomst daarvan was ook altijd "ik kan niets vinden". 't Was vooral Anna die wilde stoppen met artsen bezoeken, vooral omdat het toch niet hielp, meestal wel enig geld kostte, we zelden enige mededeling kregen waar we wat aan hadden, het bezoeken van artsen vaak erg inspannend was, en we ook te vaak de nonsens-term "psychosomatisch" aan hadden moeten horen.

Het is echter ook zo dat we de eerste 10 tot 15 jaar (waarin ik vanaf 1986 ook een heel goede huisarts had, die het met me eens was, en zowel Jolanda als mij bijzonder goed hielp) weliswaar regelmatig verteld waren dat het "psycho- somatisch" was en we ook (tot 1986, in mijn geval) geen enkele medische hulp kregen, maar dat we overigens zowel weinig last hadden van discriminatie als geen probleem met uitkeringen omdat we tot 1984 van studiefinanciering leefden (minder dan de bijstand, die weer minder was dan het minimum-loon).

Dat veranderde allemaal tussen 1995 en 2000, maar wordt dan behandeld.

[3]
Overigens... mijn meningen waren geheel niet radikaal, althans t/m 1990: Wat ik vroeg waren:

    - goed wetenschappelijk onderwijs - dat kreeg ik niet;
    - goede wetenschappelijk medewerkers - die waren er niet;
    - respect voor echte wetenschap - die was er niet;  
    - medewerkers die in hun vakgebied publiceerden - die waren er niet

Wat ik kreeg waren uitvreters, niets-kunners, die niet konden schrijven, niet konden spreken; en er alleen maar zaten vanwege het vele geld; de zeer geringe hoeveelheid "werk"; en de status als "universitair wetenschappelijk medewerker", maar geheel niemand werkzaam bij filosofie wist meer dan de helft of een kwart daarvan zelfs maar bij benadering waar te maken, op één uitzondering na, en dat was de Engelse professor wetenschapsfilosofie, Jon Dorling, die een redelijk goede wetenschapsfilosoof was, maar die heel weinig van de UvA begreep (waar hij uiteindelijk, in 1992, van af gewerkt is, sinds wanneer hij niets meer geschreven heeft en niet op het internet te vinden is, zodat hij waarschijnlijk vrij snel na 1992 gestorven is).


[4] Trouwens, één van de dingen die ik geleerd heb door mijn autobiografie te schrijven is dat ik werkelijk behoorlijk geholpen door megavitamines, tussen 1984 en 1989: Dat is werkelijk - ook bij de zeer beroerde stand van de "medische wetenschap" tegenwoordig, waarvan ik én geen weet had in de jaren 80 én dat toen een stuk minder beroerd was - verreweg de meest redelijke verklaring. Het is namelijk het enige relevante verschil, en overigens kent niemand de oorzaak van M.E.

En ik stortte vanaf 1989 weer in door precies dezelfde reden als op de Nieuwe Keizersgracht: Ik werd wakker gehouden gedurende 19 van de 24 uur, en alleen niet, als ik geluk had, tussen 02.00 en 07.00.

Dit is overigens niet goed bijgehouden in mijn Journaal, maar wel geheel waar.


       home - index - summaries - mail