Nederlog        

 

   7 maart 2009

 

Over Orwell, Burnham en de managers

crisis-economie

"War is peace. Freedom is slavery. Ignorance is strength."
-- George Orwell (§)

Ik zal proberen dit jaar meer over George Orwell te schrijven, omdat het een bijzonder zinnige, moedige en intelligente man was die zeer veel zaken die veel van zijn tijdgenoten niet of nauwelijks zagen zeer scherp zag en bijzonder goed formuleerde; omdat zijn ideeën over - o.a. - totalitairisme, taalgebruik, sadisme en bureaucratie mij zeer zinnig voorkomen en ik er wat aan toe kan voegen; en omdat, toen ik over de Westerse economieën van de afgelopen twintig jaar dacht, hij en Burnham veel interessants schreven over managers en bureaucraten tussen 1940 en 1950 - en NB de relevantie van dit onderwerp voor zowel politiek als economie.

Maar dat is voor later, en ik heb het in dit stukje alleen kort over

1. Een bijzonder goede site over Orwell

Ik kwam op dit onderwerp omdat ik me realiseerde, o.a. door wat ik op 25 februari schreef over wat zeer adekwaat beschrijvend de revolutie der managers genoemd kan worden, die de afgelopen ca. 20 jaar gaande is:

(..) ik mag zelf nu al heel wat jaren overleven van zo'n 420 euro in de maand en moet tegenwoordig ook mijn eigen slaappillen nu betalen van Il Duce Ab Klink. Wie dénk ik wel niet dat ik ben, als parasiterende invalide?! Ik kan toch best rondkomen van 210 euro, Voor Mijn Vaderland, volgens Donner en Balkenende, is het niet nu dan wel binnenkort?

Ook voor Mijn Leiders meneer van Halderen (ik heb energie van de Nuon, 815.000 euro per jaar), meneer Tilmant (ik "bankier" bij de ING, 1,25 miljoen euro per jaar, afgezien van bonussen), mijn lievelingsliberalen Zalm en De Grave (600.000 euro per jaar, bij de genationaliseerde ABN a.k.a. Gemeenschapsbank), en alle armlastige Nederburgemeesters met drie huizen van elk ca. 600.000 euro, als Stefan Hulman.

Hoe zal ik het uitdrukken? Mmmmm....

In Orwell's woorden uit Animal Farm, met de volgende toelichting van Bernard Crick uit zijn "George Orwell - A Life" p. 490:

"Orwell marked this passage in a copy he gave to Geoffrey Gorer, telling him that it was the key passage" en dat "all the pigs were in agreement on this point, even Snowball and Napoleon:"

'Comrades!' he cried. 'You do not imagine, I hope that we pigs are doing this in a spirit of selfishness and privilege? Many of us actually dislike milk and apples. I dislike them myself. Our sole object in taking these things is to preserve our health. Milk and apples (this has been proved by Science, comrades) contain substances absolutely necessary to the well-being of a pig. We pigs are brain-workers. The whole management and organization of this farm depend on us. Day and night we are watching over your welfare. It is for your sake that we drink that milk and eat those apples.'

Dáár bestaat Ons Neerland, Ons Vaderland, immers ook voor, in de ogen van onze voorgangers, gezien de verdiensten die ze zichzelf allemaal toekennen, en niet voor armlastige invaliden als ik - en ik bedoel dit geheel niet cynisch, maar puur beschrijvend op basis van 31 jaar voortdurend dezelfde ervaring: Dit land is niet van mij, en ik ben niet van dit land, volgens ons aller UvA-denkgenie de grote dialektikus prof.dr. Paul Scheffer, van wie dit land wel is en die wel van dit land is, om welke reden hij het al zoveel jaren zo bijzonder goed heeft, als dialektiese marxist en GroteSteden-zwetser.

Ik kwam in dit verband over James Burnham te denken, één van de inspirators van George Orwell, en zelf een interessant man en een goed schrijver, die in 1940 bekend werd met "The Managerial Revolution", waarin hij uiteenzette dat hij meende dat er een groot gevaar was dat de managers van grote bedrijven én van staatsorganen de feitelijke machthebbers van de moderne westerse staten en economieën zijn geworden of zouden worden.

Orwell besprak een en ander o.a. in Second Thoughts on James Burnham (dit is een link naar de uitstekende Orwell-site waar ik het direct in wat meer detail over heb) en ik vermoed dat ikzelf hierin de eerste vermelding van Burnham las, ergens in de vroege zeventiger jaren, die ik daarna vrij snel vond en las, althans waar het "The Managerial Revolution" betreft, dat ik goed maar wat overdreven vond, en "The Machiavellians", dat ik uitstekend vond.

Ook hier hoop ik later op terug te komen, al ben ik mijn copie van "The Managerial Revolution" lang geleden kwijtgeraakt (*) en kan mijn copie van "The Machiavellians" op het moment niet vinden.

Voor het moment moet u het echter - desgewenst - doen met bovengenoemd Second Thoughts on James Burnham en deze uitstekende russische

die ik gisteren vond toen ik op het internet naar Burnham zocht, en die een zeer goed verzorgde html-site is, met zeer veel bestanden, waarin vrijwel het gehele poltieke en essayistische werk van Orwell on line in het Engels, Russisch en Servo-Koratisch, en ook met foto's van en documentatie over Orwell die ikzelf (die toch behoorlijk belezen is op dit terrein) nog niet kende (naast veel dat ik wel kende en op papier heb).

De reden dat dit kan - de maker van de site legt het zelf uit - is dat Orwell's teksten geen copyright meer hebben in Australië, Canada en Rusland en nog een paar landen, wat hem mogelijk maakte om zo ongeveer alles van Orwell, in uitstekende html-edities, op zijn site te zetten.

Ik raad u een uitgebreid bezoek daaraan van harte aan, en u heeft vanaf vandaag geen excuus meer voor het niet hebben gelezen van althans de belangrijke essays van Orwell uit de periode 1940-1950.

2. Waarom u Orwell moet lezen, en Burnham ook

Er zijn veel redenen om Orwell en Burnham te lezen, en twee belangrijke en goede redenen zijn dat beide mannen bijzonder intelligent waren en uitstekend schreven.

Ik merk nu alleen wat over de genietingen van Orwell op, maar ze gelden ook, zij het in wat mindere mate, voor Burnham (**) (de link is naar de Wikipedia), die meer bekendheid verdient dan hij heeft.

Stijl: Orwell schreef een uitstekende, heldere, welbewust eenvoudige en directe stijl, die vooral uitstekend geschikt is voor hoe hij zichzelf zag: Iemand die het schrijven over politiek tot kunst probeerde te verheffen en dat deed door op leesbare en eerlijke wijze over politieke en daaraan gerelateerde onderwerpen te schrijven.

Ikzelf was overigens nooit een fan van zijn vroege literaire boeken, en het "Keep the aspidistra flying" en "Coming up for air" nooit uitgelezen, maar ook daarin ben ik het met hem eens, want Orwell wilde niet dat ze herdrukt zouden worden.

In ieder geval lag Orwell's kracht vooral in het essay, en dan vooral essays over politiek of literatuur, en in kortere verhalen, waarvan "Animal Farm", "Homage to Catalonia", "The Road to Wigan Pier" en "Inside the Whale" uitstekende voorbeelden zijn.

Het beste van Orwell staat volgens mij in de vier-delige editie van the Collected Papiers and Journalism, bezorgd door zijn weduwe, en nog in print in zowel Penguin als bij (een opvolger van Orwell's oorspronkelijke uitgever) Warburg. En hiervan zijn vooral de laatste twee delen het beste (mocht u willen kiezen en weinig tijd hebben).

Er zijn overigens betere schrijvers in het Engels, ook over Orwell's politieke onderwerpen, als Swift, Fielding, Burke en Hazlitt, maar dit vermeld ik vooral omdat Orwell en ik het ook daarover eens zijn en de vier genoemden uitzonderlijk goed zijn (en geen van allen enige Nederlandse tegenhanger hebben).

Helderheid: Eén van de zeer goede kanten van Orwell's - bewust gecultiveerde, eenvoudige - stijl is helderheid. Er zijn niet zoveel goede schrijvers over politiek (zie de voorgaande over vier schrijvers die er echter schitterend over konden schrijven) en in de twintigste eeuw was Orwell één van de allerbesten, die iedereen laat zien hoe het moet en kan.

Eerlijkheid: Een andere bijzondere kant van Orwell is dat hij bijna altijd eerlijk is, nooit Cant schreef, en vooral aangezet werd tot schrijven door morele motieven, en door verontwaardiging over de wereld waarin hij leefde, dus vooral de van de dertiger jaren, de Spaanse burgeroorlog, en de Tweede Wereldoorlog.

U kunt uzelf zich hiervan overtuigen door de Collected Papers and Journalism die ik noemde door te lezen, waarin hij o.a. voor Amerikanen de Blitz-krieg tegen Engeland beschrijft en zijn gissingen over wat er feitelijk aan de hand is en zal gaan gebeuren, en zijn correcties en kwalificaties daarbij.

Individualisme: Orwell was een individualist zoals maar weinig mensen willen, kunnen of durven te zijn, en was noch persoonlijk gedefragmenteerd door confomisme of hypocrisie noch zo dom als de meeste akademici.

In feite was Orwell extreem intelligent, wat een ander plezier is voor de kenner, want ook dat komt niet zo vaak voor, en al helemaal niet onder schrijvers van journalistiek en literatuur, en veel van zijn zinnigste standpunten en inzichten hangen samen met de combinatie van zijn briljantie, zijn individualisme, zijn eerlijkheid, zijn onafhankelijkheid en zijn wil zich toe te leggen op het schrijven van de waarheid en het tegengaan van totalitaire leugens en wanen.

Bereik: Een andere reden die Orwell zeer interessant maakt, die de lezer zelf kan uitvinden in de Collected Papers and Journalism, is dat hij zeer veel interesses had en over zeer veel onderwerpen schreef, inclusief op het eerste oog wat vreemde onderwerpen als jeugdtijdschrifen en ansichtkaarten.

Hoe het zij... op de zeer fraaie zeer welverzorgde Orwell-site van O. Dag te Moskou kunt alles van en veel rond Orwell vinden, zodat er geen excuus is voor intelligente mensen hem niet gelezen te hebben.

crisis-economie


P.S. Administratieve mededelinkjes:

De nieuwe links naar mijn stukken en stukjes over Van Gogh uit 2004, die hier beginnen: Theo van Gogh vermoord heb ik gisterenavond laat nog eens nagelopen en behoren nu allemaal te werken.

En ook heb ik wat in de ME-sectie gezet dat daar al sinds 3 maart zou staan, als een update van Stukjes over ME, en dit bestand van een prachtig motto voorzien, en de bijpassende noot hier direct onde

(§) Zoals geciteerd op de Orwell-site van O. Dag: Dialectische waarheden uit "1984". In het echte 1984 leerde ik voornamelijk dit aan de UvA:

  • "Iedereen weet dat waarheid niet bestaat"
  • "Iedereen weet dat alle moraal relatief is"
  • "Iedereen weet dat alle mensen gelijkwaardig zijn"

En toen ik daar publiek Vragen over stelde werd ik verwijderd van de universiteit vanwege mijn "geuite gedachten", en wel - PvdA! - "ondanks de ernst van uw ziekte".

Sindsdien ben ik geen antwoord waardig van de UvA, behalve dat mijn proza stylistisch niet in de haak is.

(*) Ik denk toch echt dat dit "één van de wezenskenmerken en achtergronden is" (om een wat walmende frase te gebruiken over de waarin het Westen verkeert):

Dat de econonomische en bestuurlijke macht is in de handen van hebzuchtige, machtsgeile managers zonder werkelijke moraal of beschaving - waarbij vooral het laatste zo serieus en gevaarlijk is, omdat het hebzuchtigen en opgangzoekers betreft die zelf niet de kennis hebben om zich te realiseren dat zij de tak waar zij zelf op zitten, samen met miljoenen of miljarden anderen, aan het doorzagen zijn om daar zelf beter van te worden, als de tak eenmaal doorgezaagd zou blijven zweven zonder te vallen.

En heeft u de kóppen van opperbureaucraten als Fortuyn (want dat was hij: een omhooggevochten universitaire bureaucraat, begonnen als marxisties assistent van de Grunninger marxistiese duisterdenker Ger Harmsen), Weck (hoogste Neerlandse ambtenaar), en Hulman - he of Helderian fame and fortune - wel eens met enige aandacht bekeken?

Waarom moeten díe en dergelijke hoofden allemaal - als dat van maitre-penseur Foucault trouwens - lijken op de koppen uit SM-boekjes voor homo's waar iemand van die overtuiging mij ooit op trakteerde? Dat is toch geen blind toeval, althans voor deze psycholoog? Ze missen toch alleen een matrozen- of politie-uniform? Het betreft immers toch een gecultiveerd zelfbeeld en zelfpresentatie die - voor iemand die niet puur post-modern relativistisch breingewassen is - minsten behoorlijk ziek lijkt en zwaar gepreoccupeerd met machtsuitoefening en bazigheid?

(**) Uitgeleend en nooit teruggekregen van één van "de verraders van mijn generatie" die nu professor is als ik mij goed herinner. Overigens kan ik voor de zéér geleerde lezers opmerken dat Burnham rond 1940 schreef als verse ex-marxist en ex-trotskist, en dat althans een deel van "The Managerial Revolution" ook te vinden is in deel III van Marx' "Das Kapital", want ook hij was zich althans enigermate bewust van het gevaar van de combinatie management-bureaucratie. (Wat later op dezelfde dag, toen ik het nagekeken had: In "Grundrisse der Kritik der politischen Ökonomie [Rohentwurf]", Dietz Verlag Berlin 1953. Zo dáár hebt u eens een hooggeleerde verwijzing!)

(***) Een Amerikaan van Engelse achtergrond die excelleerde aan Princeton en de universiteit van Oxford; die leefde van 1905-1987; tussen 1935 en 1940 een marxist was; en later een tamelijk bekende neo-conservatief.

Maarten Maartensz

        home - index - top - mail