Nederlog        

 

4 maart 2008


 

Die Partei hat tausend Augen - 4


 

 

Ik vervolg een korte behandeling van de lijst van mijn generatie-genoten ("verraders" volgens Komrij, "collaborateurs" volgens mij, "loyale collegaas" in eigen ogen, met heel veel respect en begrip, voor elkaar) die ik dank aan mijn generatie-genoot Geniale Gijs, en ben deze keer aangeland bij Gabriël van den Brink, eertijds Marxistisch Revolutionair, tegenwoordig

"hoogleraar bestuurskunde aan de universiteit van Tilburg (*) en lector gemeenschappelijke veiligheidskunde aan de Politieacademie in Apeldoorn".

Het laatste citeer ik uit de NRC van gisteren, waarin hij de ruimte kreeg van de NRC-redactie, waarin vele van zijn en mijn generatie-genoten, wellicht vanwege zijn bijzondere bekwaamheid in "gemeenschappelijke veiligheidskunde".

Zijn stuk heet "Capituleer niet voor de radicale islam", met daarboven de frase "Film Wilders De overheid dient haar onderdanen te beschermen, niet het zwijgen op te leggen", en is verfraaid met een karikatuur van Ruben L. Oppenheimer, die het beste is van het hele stuk, maar niet erg aansluit bij de inhoud ervan.

Het stuk van de hoogleraar en lector gemeenschappelijke veiligheidskunde aan de Politieakademie - dialectiek der geschiedenis in volle tragikomische vlucht, voor een gewezen Revolutionair Marxist, waarvan mag worden aangenomen dat hij in de tijd dat ik herhaaldelijk van de UvA verwijderd werd "vanwege uw uitgesproken ideeën",  ongetwijfeld met zijn instemming, nog te druk had met barricades bouwen in de binnenstad tegen de gemeentepolitie, of met universiteiten bezetten - wordt als volgt ingeleid door de redactie van de NRC:

Nu ook GroenLinks en de VVD zich aansluiten bij de oproep van de regering aan Geert Wilders om toch vooral voorzichtig te zijn, is de maat vol, vindt Gabriël van den Brink. Wat bezielt de politieke elite om één van onze voornaamste beginselen zo gemakkelijk weg te geven? Hoe staat het eigenlijk met de Nederlandse democratie? Zijn we bereid om fundamentele meningsverschillen uit te vechten of gaan we voor chantage en intimidatie opzij. Tien stellingen.

En inderdaad volgen tien Romeins genummerde vet gezette stellingen, ieder met een uitleg eronder.

Ik zal u het meeste daarvan besparen, omdat u alles ongetwijfeld terug kunt vinden op de website van de NRC. En hoewel ikzelf nooit enig moment geloofd heb of zal geloven dat "bestuurskunde" en (nog raadselachtiger!) "gemeenschappelijke veiligheidskunde" ook maar iets weg hebben van echte wetenschap, valt het voor een voormalige Revolutionaire Marxist wel mee, en kan van zo iemand inderdaad niet verwacht worden dat hij hoogleraart in een echte wetenschap.

Maar iets wil ik er wel over zeggen, vooral in verband met vrije meningsuiting, waar ik een groot voorstander ben, net als Gabriël van den Brink dat zégt te zijn, die daar overigens nooit het gebruik van durfte te maken in de tijd dat ik dat deed (behalve om mensen als ik voor "fascist" en "terrorist" te schelden, en de gemeentepolitie voor "SS-ers") wat dan ook de reden is dat hij hoogleraar is, al is het in een flutvak, en ik niet.

Het stuk is namelijk gebaseerd op een drogreden of verwarring, die de boventitel aangeeft:

"Film Wilders De overheid dient haar onderdanen te beschermen, niet het zwijgen op te leggen"

Het gaat namelijk niet over "haar onderdanen" in het algemeen, waar de bewering inderdaad voor geldt, maar om Wilders in het bijzonder, en het gebruik dat hij maakt van de vrijheid zonder censuur zijn meningen te luchten, vanaf zijn zeer bijzondere wereldplatform als BBN'er (Bewaakt Bekend Nederlander), voor zijn eigen opgang, ongeacht de gevolgen voor anderen.

Welaan dan, ik pak een paar stellingen van de lector gemeenschappelijke veiligheidskunde aan. De rood- en vetzettingen staan in het stuk.

I. Men begint al te capituleren door te geloven dat de verantwoordelijkheid voor eventuele aanslagen bij Nederlandse burgers of politici ligt.

Dit is onzin, en ook slecht geformuleerd: Capitulatie is geen geloof maar een handeling, en het is heel wel mogelijk dat Nederlandse burgers of politici fouten maken.

En meer specifiek heb ik een en ander, ik meen helder en overtuigend, uiteengezet in Wilders-film en Wilders-film (bis), en zal dat hieronder nog eens doen, omdat een lector gemeenschappelijke veiligheidskunde én een hoogleraar bestuurskunde in één, die zich bovendien vele jaren lang heeft toegelegd op de marxistiese dialektiek (zo spelde men dat) ongetwijfeld niet ook nog specialist in logisch redeneren kan zijn.

Ik sla wat stellingen en toelichtingen over en kom bij

IV. Zij die vinden dat Geert Wilders verwerpelijke opvattingen heeft, moeten niet eisen dat hij deze verzwijgt, maar inhoudelijk de strijd met zijn ideeën aangaan.

Hier is véél voor te zeggen in beginsel, maar veel minder in het specifieke geval van Geert Wilders. Deze argumenteert namelijk niet en nooit: Hij poneert, beweert, roept uit - en wie het niet met hem eens is wordt voor gek uitgemaakt en krijgt geen antwoord.

En het bezwaar is verder dat de heer Wilders, ongetwijfeld vanwege het formaat van zijn intellect, en de uitgestrektheid van zijn kennis, zijn opvattingen uit in termen van gelijkstellingen van "de" Islam en "het" Fascisme; van "Mohammed" en "barbaar"; en van "de Koran" en Hitler's "Mein Kampf".

Dit klinkt ongetwijfeld overtuigend, treffend, waarachtig, en rationeel, voor zijn Nederlands kiezerspotentiaal van minstens 1½ miljoen zelfverklaarde racisten en/of 1½ miljoen Nederlandse stemgerechtigden die niet of nauwelijks kunnen rekenen, lezen, of schrijven, en niets van geschiedenis weten dat niet in een infotainment-formaat van De Mol BV past, maar voor weinig anderen. (En ikzelf verzweeg immers indertijd ook tegen de kameraden van Gabriël in de Asva wie mijn ouders waren en wat mijn achtergrond was, eenvoudig omdat ik ze te dom of te oneerlijk vond.)

Nu sla ik weer een boel stellingen en tekst van de hooggeleerde Gabriël over, niet omdat ik er niets over op zou kunnen merken, maar omdat hij het vast goed bedoelt, doch voortdurend blijft uitgaan van dezelfde misvatting of verwarring, namelijk dat Geert Wilders volstrekt gelijkwaardig zou zijn aan om het even welke Nederlander die z'n gemoed eens wil luchten, en ook omdat Gabriël niet al te best kan schrijven, en kom ik in één grote sprong bij zijn laatste stelling:

X. Het doordenken van de grote vragen van onze tijd is zonder verbeelding niet mogelijk. Daarom dient er op dat punt een volledige vrijheid te zijn.

Met "verbeelding" bedoelt de hooggeleerde hier niet zozeer wat Newton of Einstein inspireerde maar dat tegenwoordig

over onze levenservaring steeds vaker in filmische termen gedacht wordt. Om uitgerekend op dat moment [in de geschiedenis van de mensheid, neem ik aan - MM] te willen voorkomen dat er een film over de actuele problematiek wordt gemaakt, getuigt van bitter weinig inzicht in de manier waarop onze cultuur functioneert.

Ik zei al, van een lector gemeenschappelijke veiligheidskunde aan de Politieacademie kan men niet écht verwachten dat hij werkelijk helder redeneert, zeker niet na z'n jeugd, adolescentie, en vroege volwassenheid te hebben besteed aan marxistische dialectiek.

Tegenwoordig echter denkt de hoogleraar bestuurskunde daar - heel integer - enigszins genuanceerder over dan in zijn marxistische dagen, die dan ook meer bedoeld waren om zijn huidige hoogbetaalde eminentie te bereiken, dan voor wat anders, en Gabriël licht dat ook toe, onder stelling X:

De grote botsingen van onze tijd draaien niet alleen om markten of macht, om olie of geld. Ze draaien ook om ideeën over het goede leven, morele beginselen, fundamentele waarden en de zin van het bestaan. Cynici beweren voortdurend dat deze geestelijke strijd onbetekend is maar de geschiedenis leert dat ze een cruciale rol speelt.

Ik zeg geen nee, maar merk wel op dat nietzozeer "Cynici" beweerden wat de ex-revolutionaire ex-marxist hen toeschrijft, als wel Marxisten: Indertijd beweerden toekomstige integere hoogleraren als Scheffers en Van den Brink "voortdurend dat deze geestelijke strijd onbetekenend is [en dat - MM] de geschiedenis leert dat" de economie en de klassenstrijd allesbepalend zijn voor de loop der geschiedenis.

Maar goed - Van den Brink heeft zich tegenwoordig bekeerd, wat wellicht niet toevallig heel goed overeenkomt met zijn tegenwoordig eigenbelang, en sluit zijn stuk dus als volgt af, ook nog steeds onder stelling X en teruggrijpend naar het belang van wat hij "verbeelding" noemt:

Geestelijke vrijheid opgeven zou niet minder verraad aan onze meest fundamentele beginselen zijn. Aan het gedrag van mensen kunnen om allerlei redenen grenzen worden gesteld, maar als we grenzen gaan stellen aan hun verbeelding is de capitulatie van het Westen een feit.

Aldus hoogleraar-cum-lector Van den Brink.

Laat ik dus even dat primaat der verbeelding onder de loep nemen, met een Gedankenexperiment, zoals dat heet in de natuurkunde.

Maar laat ik beginnen de dialectische hooggeleerde erop te wijzen dat

"Geestelijke vrijheid"

iets ànders betekent (zie de Van Dale, voor wie twijfelt) dan

"Vanaf een wereldpodium gillen dat "de" Islam = "het" Fascisme en van "Mohammed" = "barbaar" en van "de Koran" = Hitler's "Mein Kampf""

en dat we het veel meer over het laatste hebben dan over het eerste, als we van Wilders spreken, al is het waar dat Wilders vast ook daar een "=" tussen zal zetten.

Ik beeld me nu dus in, bij wijze van Gedankenexperiment, hoe Wilders' film eruit zou kunnen zien, gemeten aan Wilders' gebleken gedachtegoed, moraal, integriteit, en compos mentis:

We zien Wilders in een grote grotendeels lege half verduisterde fabriekshal, zoals in de film "Alien", gewapend met een lasbrander, staande voor een reeks van opgehangen grote getekende portretten van een man met een tulband waarop "Mohammed" staat, met hier en daar een hakenkruis, een jodenster of een geslachtsorgaan op zijn kleding, en een boek in zijn hand waarop "Koran" staat, waaruit bloed lijkt te druipen.

Wilders roept

"Volk Van Nederland! Dit-is-het-begin! Wij-gaan- door-met-de-strijd! Wij zijn tégen het fascisme!"

en steekt zijn lasbrander aan, en daarna daarmee de eerste afbeelding van de man met de tulband, die stevig begint te branden.

Wilders roept

"Volk Van Nederland! Dit-is-het-begin! Wij-gaan- door-met-de-strijd! Wij zijn tegen de Koran!"

en hij steekt de tweede afbeelding van de man met de tulband, en lacht als Jack Nicholson in "The Shining", terwijl hij de derde afbeelding van de man met de tulband in het kruis trapt, en Wilders rood en geel verlicht wordt door de vlammen.

Wilders roept

"Volk Van Nederland! Dit-is-het-begin! Wij-gaan- door-met-de-strijd! Wij zijn tegen de bar-ba-rij!"

en hij steekt de derde afbeelding van de man met de tulband aan. Zo gaat het nog even door, met afbeeldingen van de man in de tulband die steeds meer op "der Jude Süss" beginnen te lijken, en als er een stuk of 10 grote afbeeldingen van de man in de tulband in de fik staan in de grote fabriekshal, met grootse lichteffecten, begint Wagner's "Walküre" te loeien en Wilders roept

"Apocalypse Now! Apocalypse Now! Het is Nu Of Nooit! Wie Niet Voor Me Is Is Tegen Me. Dood aan het fascisme! Leve de democratie! Weg met de barbarij! Dood aan de Islam!

Mijn kruistocht is begonnen! Voor de vrijheid!
Op Neerlanders, op! Dat het onreine bloed onze
sporen moge vullen!"

Terwijl Wagner aanzwelt, doorsneden met een opzwepende hiphop beat, begint een grote Nederlandse vlag te wapperen, met Wilders daarvoor in beeld, met vers permanent en frisse nieuwe blonde kleurspoeling, en met geheven vuist, en brede gelukkige Jack Nicholson lach.

Dan breekt het beeld en het geluid, begint het Wilhelmus, en zien we een grote menigte volk oprukken, gefilmd ten tijde van de Maagdenhuisrellen, met Gabriël van den Brink, Paul Scheffers, Elsbeth Etty, Gijs Schreuders e.v.a. collaborerende carrièremakers van mijn generatie van verraders met gebalde vuisten en in koor zingend, in Dolby-surround

Dit-is-het-begin! Wij-gaan-door-met-de-strijd!
Dit-is-het-begin! Wij-gaan-door-met-de-strijd!
Dit-is-het-begin! Wij-gaan-door-met-de-strijd!

terwijl Wilders in een apart kadertje verschijnt en roept

 "Volk Van Nederland! Wien Neerlands bloed door d'aadren vloeit is met mij! Wie tegen mij is is een verrader! Weg met de barbarij! Dood aan de Islam! Dood of de overwinning!"

Einde.

En dàt dan fijn op YouTube, en de hele wereld over, voor de consumptie door miljarden zonder het minste benul van Nederlandse verhoudingen, of enig begrip van geschiedenis, of maar het minste vermoeden van hoe intelligent en integer prof. dr. Van den Brink is, maar desalniettemin  voorzien van een geleerde en trotse toelichting van professor doctor Gabriël, die blijmoedig en trots op Nederland verklaart aan iedereen die het maar horen wil, ook in zijn beste Engels en Arabisch dat

"De overheid dient haar onderdanen te beschermen, niet het zwijgen op te leggen"

Snapt u? Is de bovenstaande verbeelding van mij filmisch genoeg? Beeldend genoeg? Genoeg in karakter?

Ik kan mij vergissen, en hoop het zeer, maar niemand wéét het.

Vandaar mijn Wilders-film en Wilders-film (bis): Hij mag van mij denken wat hij wil, en zich verbeelden wat hij wil, maar een man van zijn capaciteiten en met zijn normen en waarden, die zich bevindt in zijn inderdaad beklagenswaardige positie, op zijn wereldpodium, zou zich enige rekenschap moeten geven van de gevolgen van zijn woordkeus en zijn films, voor anderen, die niet beschermd worden zoals hij, en die dat onmogelijk kunnen worden, en die ook niet bezig zijn politiek carrière te maken, en niet proberen de macht in Nederland te grijpen.

 Meer Lob der Partei 
 


(*) Voor wie het interesseert of amuseert: In de tachtiger jaren besloot de Nederlandse onderwijsbureaucratie dat de universiteiten met drie letters aangeduid moesten worden: Universiteit van Amsterdam = UvA, Rijksuniversiteit Groningen = RUG, Rijksuniversiteit Utrecht = RUU. Sindsdien is dat plan opgegeven, vanwege de Katholieke Universiteit Tilburg, en de algehele vrijheid van meningsuiting in ons trots Neerland.

Maarten Maartensz


   home - index - top - mail