Nedernieuws        

 

9 maart 2005

                                                                 

Vrijheid van meningsuiting

 


 

Alweer een Nedernieuws - maar ik heb me voorgenomen het formaat wat te veranderen, namelijk door meer onderwerpen in het nieuws te behandelen, en minder het nieuws.

De redenen zijn dat je het nieuws over Nederland, voorzover belangrijk, wel ongeveer op het internet kunt vinden, in diverse smaken, versies en soorten Nederlands; dat ik weinig energie heb; en dat ik het leuker vind specifieke onderwerpen te behandelen. Dat heeft ook het voordeel dat ik daar mijn mening over kan geven.

Wel: Hier is er één, en het betreft een in Nederland en Engeland plotseling zeer omstreden en ondertussen in hoog tempo minstens gedeeltelijk gecastreerd recht, en een recht, bovendien, dat zo'n 100 à 200 jaren overwegend gehandhaafd is geweest, minstens, in beide staten (met restricties), en een belangrijk fundament vormt voor een werkelijke rechtsstaat, in plaats van een alleen verbale fictie, karikatuur of parodie daarvan.

Maar terzake: 


Vrijheid van meningsuiting

Nederland wordt in snel tempo een terreurstaat, precies zoals ik verwachtte, trouwens - de machtsélite probeert zichzelf op alle mogelijke manieren zeker te stellen en in te dekken, en dus moet je je nu vanaf je 14e levensjaar legitimeren tegen politie-tuig (in Amsterdam: de S.S. - Schütz Staffel, immers - van de drugsmafia, met zeer veel corrupte agenten), en wordt op allerlei manieren de vrijheid van meningsuiting ingeperkt.

Het één zowel als het ander gebeurt ook in àndere landen, en de motieven zijn het zelfde: Angst bij de personen die de landelijke of gemeentelijke machtsélite vormen zelf bedreigd of afgeschoten worden (i.p.v. dat burgers gevaar lopen, want dat interesseert bestuurstuig zelden - kennelijk omdat precies die mensen die wèl om andermans belangen geven of wèl persoonlijk integer zijn juist niet politici of ambtenaren willen worden c.q. geweerd worden uit die kringen als ze het proberen) én de perfecte aanleiding c.q. voorwendsel - 'Terrorisme!', 'Osama!' - om de staat  inclusief  de staatsorganen als politie, leger en geheime diensten, veel meer macht te geven en de burger tot slaaf van de staat te maken, zogenaamd 'in naam van Onze Democratische Rechtsstaat', maar feitelijk alleen om de machtsélite van een paar honderd of paar duizend personen (politici, bestuurders en journalisten voornamelijk) veilig te stellen en de staat machtiger en de burger onmachtiger en rechtelozer te maken.

Overigens - het is niet het onderwerp van dit stukje, maar wel relevant - er is een in beginsel uitstekende verdediging tegen terrorisme, die bovendien bij Onze Geallieerden, namelijk de Verenigde Staten, een constitutioneel grondrecht is: Niet het ontrechten, monddood maken en tot identificatie-plicht dwingen tegen alles wat ambtenaart (en dus zelden deugt en zeker talentloos is): Het bewapenen van de bevolking. Want alle maatregelen die nu ingevoerd zijn gelden alleen de belangen van een paar honderd of paar duizend personen uit de machtsélite, en gaan overigens ten koste van de - vroegere - burgerlijke grondrechten.

Eén van die aangetaste grondrechten is het recht op vrije meningsuiting, dat diverse Europese regeringen, zoals de Engelse en de Nederlandse, radikaal willen inperken, kennelijk wéér vooral om zichzelf te vrijwaren van kritiek, en niet om "het terrorisme" (met woorden?!) tegen te gaan.

Een juffrouw Vloet in de NRC van 5 maart citeert Rushdie, in de context van de gebeurtenissen in Engeland, waar wetsartikelen zijn ingevoerd die het aanzetten tot 'haat tegen personen op raciale of religieuze gronden' verbieden - alsof het mogelijk zou zijn iets lief te hebben, zoals een rechtsstaat of een persoon, zonder te haten wie wat liefgehad wordt schaadt, zoals een terrorist, een moordenaar of een verkrachter. (De hele nótie uitingen van 'haat' te verbieden is dom of gestoord - en gebaseerd op haat.) 

Ik citeer Rushdie naar Vloet:

"Het idee dat er een vrije samenleving kan worden gemaakt waarin mensen nooit gekwetst of beledigd zullen worden, is absurd".

Ja, dat is zo - maar je kan "vrije" daar weglaten, omdat in onvrije samenlevingen natuurlijk óók mensen gekwetst of beledigd zullen worden. Dat is nu eenmaal menselijk, en het zich gekwetst voelen is een kennelijke natuurlijke menselijke reactie op kritiek op de eigen persoon of eigen ideeën. Wie te horen krijgt dat hij dom denkt of zich honds of als een lul gedraagt voelt zich nu eenmaal gekwetst, ook als hij dom denkt en zich honds of als een lul gedraagt. Zo zijn mensen nu eenmaal, afgezien van zéér zeldzame heiligen.

Ergo: Waar kritiek op personen en meningen mogelijk moet zijn - en een samenleving waar kritiek op personen of meningen verboden is kàn niet vrij zijn - moet het mogelijk zijn kritische dingen te zeggen of schrijven die personen die gekritiseerd worden als kwetsend of beledigend of hatelijk zullen ervaren.

Dan geeft Vloet Rushdie's "opvatting van debatteren":

"Je wordt nooit persoonlijk, maar je hoeft absoluut geen respect te hebben voor de ópvattingen van je tegenstander. Je bent nooit onbeleefd tegen de persoon zelf, maar je kunt meedogenloos beledigend zijn over wat die persoon denkt."

Het spijt me, maar dit is onzin: Het maakt Chaplin's parodie van Hitler onmogelijk of onbehoorlijk want persoonlijk; het maakt alle karikaturen van politici onmogelijk; het maakt vrijwel alle satirische TV-programmaas onmogelijk - en het beschermt allerlei grote schoften, oplichters, uitvreters, parasieten en leugenaars tegen kritiek op hun persoonlijk falen, persoonlijkheid, persoonlijke tekortkomingen, of weinig perfecte persoonlijke uiterlijk of levenswandel.

Bovendien is het gebaseerd op een nogal fictioneel of bijzonder vaag en onhanteerbaar onderscheid, namelijk de scheiding tussen de meningen van een persoon en de persoon zelf, alsof er niet bijvoorbeeld een flinke overlap bestaat tussen meningen en persoon, die o.a. bestaat in de meningen van de persoon over z'n eigen persoon.

Daarbij: Het zijn personen die bestraft worden door de wet, vanwege hun handelingen, eventueel inclusief hun verkondigde meningen:  nooit of te nimmer worden gedachten of intenties gevangen gezet of beboet of opgehangen of vrijgesproken, maar altijd personen.

Kortom: Wat mij betreft is men vrij te zeggen wat men wil, binnen hele brede marges, of wat men zegt nu een persoon of een mening van een persoon betreft. Bovendien: Er zijn wel degelijk schoften, psychopaten, leugenaars, bedriegers, oplichters, parasieten en moordenaars onder mensen, en, naar de geschiedenis te oordelen, méér slechte of zwakke dan goede en krachtige persoonlijkheden: "De mens is geneigd tot alle kwaad, en weinig goeds", leert de christelijke theologie, niet zonder goede feitelijke onderbouwing in de wereldgeschiedenis. En een mens behoort dan in ieder geval het recht te hebben dergelijk kwaad te benoemen, zonder eufemisme of mooipraterij bovendien.

Tenslotte, wat volgens Vloet en Rushdie "de kern van de zaak" zou zijn:

"Het moment waarop je zegt dat welk systeem dan ook heilig is, of het nu gaat om een religieus geloof of een seculiere ideologie, het moment waarop je verklaart dat sommige ideeën boven elke kritiek, satire, beschimping of minachting verheven zijn, is het moment waarop de vrijheid van denken onmogelijk wordt."

O? Is dàt de kern? Het is typisch literair getuigenis-proza op stelten ('purple prose' zeggen de Britten hier: "moment" ... "moment" ... "moment"), waar niet veel tegen is, in beginsel, zolang het logisch klopt, wat het bovenstaande niet doet.

Immers: Al die "momenten" van heilig-verklaring van een religie of ideologie, of zalig-verklaring van een idee of persoon, impliceren niet dat "dus" "de vrijheid van denken onmogelijk wordt", al kan het héél wel zijn dat dergelijke constructies de vrijheid van meningsuiting beperken.

Maar bovendien: Ik ben niet katholiek, maar van mij mag iemand het katholicisme voor heilig houden, zolang ik maar het recht heb dat zelf publiek te ontkennen, zonder verbrand te worden door de inquisitie of rechtbank. En iemand mag van mij best vinden dat een idee boven kritiek verheven is of behoort te zijn, en dat zeggen, zolang ik maar het recht heb dat te ontkennen, en eventueel mijn eigen categorie van boven - vrijwel alle rationele - kritiek verheven ideeën op te voeren, waarin ik wens te geloven (zoals bijvoorbeeld wiskundige of logische waarheden).

Kortom, als de bèste argumenten die geleverd kunnen worden voor het recht op vrije meningsuiting die van Rushdie of Vloet zijn, dan is het slecht gesteld met argumenten voor het recht op vrije meningsuiting, en kennelijk ook met dat recht zelf.

En één reden om de - onder vele Nederlandse auteurs en lezers vrijwel - Heilige Rushdie's meningen over vrije meningsuiting te citeren en behandelen is dat ik ze ondertussen herhaaldelijk opgevoerd heb gezien in de Nederlandse pers als waren ze volkomen adekwaat, juist, zinnig, bewonderenswaardig, en maatgevend.

Dit heeft er weer alles mee te maken dat de Nederlandse intellectueel, journalist of niet, zelden een persoon is die werkelijk zelfstandig denkt, maar vrijwel altijd iemand is die een Autoriteit zoekt, en daar meningen van leent, en dan zegt of suggereert dat de geleende meningen waar, en goed geformuleerd, en moreel en prachtig moeten zijn omdat de Autoriteit immers doorgaat, in Onze Kringen van Autoriteiten zoekende halfdenkers, voor precies dat - een Autoriteit, voor geboren volgelingen.

Terzake vrije meningsuiting, dan, en zonder te lenen bij of mij te verbergen achter geleende Autoriteiten, maar geheel op eigen kracht: In beginsel komt het hier op neer, mijns inziens.

Iedereen mag alles zeggen of schrijven wat hij wil, zonder énige beperking, afgezien van laster. Je mag wèl zeggen wat een minister graag zou verbieden, namelijk - bijvoorbeeld - dat hij een verziekte ezelsneuker is, maar voorwaarde is dan wel dat hij inderdaad ezels neukt of zegt te willen neuken. Je moet politici voor psychopaat of fascist of beide kunnen uitmaken, hoe beledigend de persoon in kwestie dat ook mag vinden en noemen, eenvoudig ómdat er nu eenmaal psychopaten en fascisten in de politiek zijn, die daar bovendien niet graag openlijk voor uitkomen, zolang ze de macht nog niet hebben - terwijl het toch een publiek belang is te weten dat deze of gene zelfbeweerde "socialist" of "humanist" zich feitelijk gedraagt als terrorist of mafia-beschermer, indien dit waar of waarschijnlijk is. En daarmee dus - en persoonlijk, al zou Rushdie dat "tactisch" dan wel laf willen vermijden te zeggen - een leugenaar, bedrieger, oplichter en schijnheilige is, als het inderdaad waar is. En dat is dan weer van aanzienlijk belang voor de gemeenschap die zo iemand leidt.

Dat is bovendien publiek belang te weten, en te kunnen en mogen zeggen en bediscussiëren door voor- en tegenstanders van zo'n mening, en zonder wettelijke sancties, behalve eventueel wanneer de verkondigde meningen puur laster zijn en schadelijk zijn, en alletwee aangetoond kunnen worden. Het is ook volledig in het belang van het voortbestaan van een werkelijke rechtsstaat dat corrupte, incompetente, liegende, hypocriete, parasiterende, stelende, bedriegende politieke personen precies zo genoemd kunnen worden als ze zijn, als ze dat zijn, of daar goede evidentie voor is, want al die persoonlijke eigenschappen van politici - bepaald niet zeldzaam in de geschiedenis - zijn allemaal strijdig met een werkelijke rechtsstaat, en gevaarlijk voor zowel het voortbestaan daarvan als voor de - mogelijk vele miljoenen! - burgers levend in een staat geregeerd door dergelijke bedriegers.

Je behoort alles te mogen zeggen wat je voor waar en belangrijk houdt, en behoort dat straffeloos te kunnen doen, voorzover de wet betreft (want ieder ander behoort je, eventueel beledigend, tegen te mogen spreken), behalve waar je bewijsbaar onwaarheid spreekt én iemand belastert of serieus schaadt, of dingen beweert die wel kwetsend en schadelijk zijn maar niet voldoende waarschijnlijk gemaakt kunnen worden door bewijsbare feiten.

En je behoort ook te kunnen zeggen dat het bewéérde Democratische Paradijs waarin je zou wonen, volgens leidende politici, of dat nu Stalin's Rusland of Balkenende's Neerlanderthalië is, om tal van redenen niet deugt, verrot, corrupt, en onvrij is, of niet ingericht is volgens jouw eigen favoriete geloof of ideologie, hoe "ondemocratisch" de machthebbers van het moment dat ook mogen vinden en noemen en kwalificeren - want zíj behoren dat recht tot tegenspraak óók te hebben, maar behoren niet het 'recht' te hebben critici de mond te snoeren of op te sluiten of straffen vanwege hun verkondigde meningen of 'uitgesproken gedachten'.

Dit is in ieder geval mijn visie op mijn en op het recht op vrije meningsuiting, en ik zal er naar handelen, en het waar nodig verdedigen, bovendien in het besef dat wat ik zeg zéér veel dichter ligt bij wat zowel de klassieke voorstanders ervan hebben beweerd als wat ooit geschreven was in behoorlijke wetgevingen in Europese landen, vóórdat dit recht gemuilkorfd werd door een corrupte of incompetente politieke machtsélite die erop uit is zichzelf boven alle kritiek te verheffen, met straf van wettelijke sanctie voor wier meningen hen onwelgevallig zijn, uit beweerde bezorgdheid over 'terrorisme', maar feitelijk in dienst van staatsterrorisme van de nabije toekomst.


Zo. Mij lijkt het allemaal behoorlijk vanzelfsprekend, maar helaas blijkt maar al te vaak dat de verdediging van het recht op vrije meningsuiting in de handen van moderne auteurs véél slechter af is dan in handen van klassieke schrijvers, bijvoorbeeld uit de 18e of 19e eeuw, zoals Voltaire, Cobbett, Hazlitt of Mill.

Maarten Maartensz

 

        home - index - top - mail